Rijbewijs kwijt - recht op loon?

Schorsing vrachtwagenchauffeur zonder rijbewijs voor rekening chauffeur. Geen loondoorbetalingsverplichting

 

Feiten

Werknemer is sinds 9 januari 1992 als chauffeur in dienst van de werkgever. Nadat werknemer in het verleden al eens een schriftelijke waarschuwing heeft ontvangen wegens een ingevorderd rijbewijs door rijden onder invloed en zijn rijbewijs enige tijd kwijt is geweest, blijkt op 1 juli 2014 opnieuw dat werknemer niet beschikt over een geldig rijbewijs. Dit is al sinds eind 2012 verlopen. Werknemer wordt vervolgens geschorst en moet zich medisch laten keuren voor verlenging rijbewijs. Het CBR concludeert dat sprake is van alcoholmisbruik en weigert het rijbewijs te verlengen. Werknemer mag zich een jaar later opnieuw laten testen. Werkgever staakt daarop de loondoorbetaling en vraagt vervolgens ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Werknemer heeft in dezelfde procedure doorbetaling van zijn loon gevorderd. De kantonrechter heeft de arbeidsovereenkomst per 1 oktober 2015 ontbonden en de loonvordering afgewezen. Werknemer is daarvan in hoger beroep gegaan bij het Gerechtshof Den Bosch. Ook daar vangt werknemer bot.

 

Hof Den Bosch

Het Hof verwijst daarbij allereerst naar het arrest Van der Gulik/Vissers. Daar heeft de Hoge Raad bepaald dat een werkgever tijdens een schorsing of non-actiefstelling verplicht is tot loondoorbetaling , zelfs als deze sanctie aan de werknemer zelf is te wijten. Om recht te hebben op loon moest de werknemer bereid én beschikbaar zijn om de bedongen arbeid te verrichten.

Het Hof stelt vervolgens dat werknemer wel stelt dat hij die bereidheid had, maar dat dit niet gebleken was. Werknemer had namelijk aangegeven bereid te zijn “passende werkzaamheden” te verrichten. Van een bereidheid “de bedongen” werkzaamheden te verrichten was het Hof niet gebleken.

Ook concludeerde het Hof dat werknemer niet beschikbaar was geweest de bedongen werkzaamheden te verrichten. Het niet kunnen beschikken over een geldig rijbewijs – dat onmisbaar is voor de uitoefening van de functie van chauffeur – wegens alcoholmisbruik, was volgens het Hof  een omstandigheid die voor risico van de werknemer komt.  Er was sprake van een absolute verhindering om de bedongen arbeid te verrichten, in die zin dat werknemer de bedongen arbeid niet mocht en dus niet kón verrichten (Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 03-05-2016, 200.183.317/01, ECLI:NL:GHSHE:2016:1766).

 

Conclusie

Als hoofdregel heeft te gelden dat tijdens een schorsing of op non-actiefstelling het loon van werknemer in beginsel moet worden doorbetaald (Hoge Raad: Van der Gulik/Vissers). Werknemer moet dan wel beschikbaar en bereid zijnde bedongen arbeid te verrichten. Is een beroepschauffeur zijn rijbewijs kwijt en tevens geschorst, dan komt dat in beginsel voor zijn rekening. Dat zal ook het geval zijn indien een werknemer bijvoorbeeld wegens detentie niet in staat om te werken.

Reactie schrijven

Commentaren: 0