Loondoorbetalingsverplichting in het derde ziektejaar; hoeveel?

Het zal u maar gebeuren. Een van uw werknemers wordt en blijft ziek. Gedurende de 1e twee jaar loopt de loondoorbetalingsverplichting dan door. Gedurende de 1e 52 weken veelal 100% en nadien 70% van hetlaatstverdiende bruto-loon.

Wanneer het UWV – aan het einde van de wachttijd WIA – oordeelt dat u alswerkgever onvoldoende re-integratie inspanningen heeft verricht, volgt er eenloonsanctie. In de praktijk betekent dat meestal dat u nogmaals 52 weken het loon tijdens ziekte moet doorbetalen. Is dat dan 70% of mogelijk opnieuw 100%? Een expliciete wettelijkebepaling ontbreekt. Rechters moeten daarover dus oordelen.

Rode draad in de rechtspraak lijkt te zijn dat tijdens het derde ziektejaarde wettelijke loondoorbetalings-verplichting “slechts” 70% bedraagt, tenzij partijen daarover andere afspraken hebben gemaakt.

Deze rode draad werd onlangs (op 20 september 2016) bevestigd door het Gerechtshof Den Haag. Wat was daar aan de hand?

 

Feiten

 

Een fysiotherapeut – sinds 1 augustus 1984 – in dienst, viel op 4 juni 2013 ziek uit. Lichamelijke klachten en problemen op de werkvloer lagen daaraan tengrondslag. Tussen werkgever en werknemer was rechtens dat in geval van ziekte,werknemer ziekte recht had 100% van het loon.

 

Nadat drie mediationpogingen op niets waren uitgelopen en werkgever enwerknemer hevig van mening bleven verschillen over de vraag of al dan nietsprake is van arbeidsongeschiktheid, verleende het UWV eind 2014 werkgevereen ontslagvergunning. Daarop zegde werkgever de arbeidsovereenkomst op tegen 1 april 2015 en staakte werkgever in die periode ook de loondoorbetaling aanwerknemer. Dit omdat werknemer onvoldoende zou meewerken aan zijnre-integratie.

 

In de periode nadien (beging 2015) kwam vast te staan dat werknemer in 2014 volledig arbeidsgeschikt was en dat werkgever onvoldoende re-integratie-inspanningenhad verricht. Er werd vervolgens een loonsanctie aan werkgever opgelegd tot30 mei 2016. Werkgever weigerde echter loon (ziekengeld) te betalen.

 

In kort geding vorderde werknemer vervolgens werkhervatting enloondoorbetaling. De kantonrechter oordeeldedat werkhervatting geen optie meer was vanwege de verstoorde relatie. Werkgever werd evenwel wel veroordeeld de loondoorbetaling te hervatten. Werkgever was het daarmee niet eens en ging van dit vonnis in hoger beroep bij het Gerechtshof Den Haag.

 

Gerechtshof Den Haag

 

In hoger beroep wijzigde werknemer zijn eis, in die zin dat hij aanspraakmaakte op 100% in plaats van 70% van het loon tijdens ziekte. De tussen partijen gemaakte afspraken ten aanzien van de loondoorbetalingsverplichting tijdens ziekte werden door het Hof uitgelegd aan de hand van het zogenaamde Haviltex-criterium. Dat bracht het Hof ertoe te beslissendat werknemer recht had op 100% van zijn loon gedurende de eerste 104 wekenvan ziekte.

 

Voor het derde ziektejaar was dat evenwel anders, zo meende het Hof. Aannemelijk was namelijk dat partijen bij de inrichting van hunarbeidsvoorwaarden ten aanzien van de loondoorbetalingsverplichting tijdens ziekte uitgegaan waren van 100% gedurende maximaal 104 weken. Werknemer had volgens het Hof geen feiten of omstandigheden gesteld waaruit kon worden afgeleid dat hij erop had mogen vertrouwen dat hij ook in het derde ziektejaar aanspraak kon maken op 100% . Werknemer viel volgens het Hof om die reden terug op 70%.

 

Conclusie

 

Deze uitspraak bevestigt de rode draad in de rechtspraak ten aanzien van deloondoorbetaling in het derde ziektejaar (70%). Om onduidelijkheid te voorkomen is het raadzaam duidelijke afspraken temaken ten aanzien van de hoogte van de loondoorbetaling in het derde ziektejaar. Het behoeft geen betoog dat het dan ook verstandig is die afspraken schriftelijk vast te leggen.

 

Joris Nelissen

Reactie schrijven

Commentaren: 0